Schaapheder

Het is moeilijk, ons voor te stellen wat ruim honderd jaar geleden de geldelijke gevolgen waren voor een gezin na een vroeg overlijden van één van de ouders. In veel gevallen moest de boedel worden verdeeld na een huwelijk in gemeenschap van goederen. Vooral na een overlijden van een (jonge) moeder kon een vader met jonge kinderen achterblijven en moest hij daarna -na verloop van tijd- volwassen kinderen uitkeren. Dan moesten er voldoende bezittingen zijn of een toereikend banksaldo!

Het overkwam Jan Scheele Sr.(J\1\004), geboren te Zaamslag op 28 november 1815 en overleden op 18 augustus 1899. Jan Scheele was landbouwer en voorzitter van het bestuur van de waterkering van de calamiteuze polders Margaretha, Kleine Huijssens  en Eendragt.

Zijn vrouw Suzanna Koster stierf op 5 augustus 1875. Eerder had het echtpaar vier zoontjes op jonge leeftijd verloren. Vader Jan bleef achter met zeven zonen en dochter Janneke, die sinds 1883 weduwe was van Pieter van Driel, de vader van hun dochtertje Jeleijntje. Op 16 juni 1885 hertrouwde ze met J.C. Kloosterman te Nisse.

Als mede voogd was ook hij aanwezig bij de notaris 21 december 1887 bij notaris Casparus Johannes Albertus Fercken te Terneuzen, waar Jan Scheele Sr., wonende te Zaamslag, verscheen met zijn enige dochter en met zijn zeven zonen, de in de akte genoemde comparanten: Jan Scheele jr, David Scheele (J\2\47), Jacob Scheele en Adriaan Scheele(J\3\94), landbouwers in de gemeente Zaamslag, Willem Scheele en Jozias Scheele (J\2\74), landbouwers te Boschkapelle, Marinus Scheele, oesterkweker te Yerseke en Janneke Kloosterman-Scheele (met haar dochtertje Jeleijntje van Driel) wonende te Nisse.

Op 14 juli 1887 was er een proces verbaal opgemaakt ter verkoop van een hofstede met toebehoren in de Grote Eendragtpolder aan de schaapherder Willem de Koeijer voor de prijs van F 16.949,--  en daar bij nog F 500,-- voor de boompjes.

Bij de verkoop waren twee getuigen aanwezig: Jan van de Moere, kandidaat notaris, en Pieter van Vessem, notarisklerk, beiden wonende te Terneuzen.

De comparanten konden dus met de centen van de schaapherder naar huis en Jan Scheele sr. kon zonder schuld aan zijn kinderen oud worden.

De schaapherder had met weinig kosten (schor en zeedijken waren prima graasplekken) melk, wol en vlees van zijn schapen kunnen verkopen  en daarvan een boerderij kunnen kopen. Over welke boerderij het ging en hoe groot die was, hebben we nog niet kunnen achterhalen.

Jan Scheele Sr. werd begraven te Zaamslag in vak J, rij 1 graf nummer 4. Ook de graven van zes van de zeven genoemde zonen zijn te vinden op dezelfde begraafplaats

Met dank aan Nelly Hamelink-Scheele, die een kopie van de notariële akte ter beschikking stelde.

De letter en de cijfers achter de namen gaven de plaats van het graf te Zaamslag aan: vak, rij en grafnummer.

Foto door Ekrulila via Pexels

Labels