Er in juni 2024 meer dan 300 graven worden geruimd?

SLACHTOFFER - In juni 1945 komt François Jan de Ridder (1922-1945) om tijdens het ruimen van mijnen in Oostburg. Hij is dan net geen 23 jaar. Op zijn steen laten zijn ouders graveren dat hun enige kind viel als oorlogsslachtoffer. François is geruimd in de zomer van 2024; zijn steen staat als aandenken in het herinneringshofje.Â
Tijdens de oorlog leggen de Duitsers, met name in de buurt van de kust, een hoop mijnen. Volgens het boek âZaamslagse grafstenen sprekenâ van David Scheele gaat het om maar liefst 1,8 miljoen stuks. Na de oorlog moeten die zo snel mogelijk weggehaald worden. Er is alleen een probleem. Nederland heeft een tekort aan gespecialiseerde mijnenruimers Ă©n aan apparatuur en gereedschap. In onder andere Zeeuws-Vlaanderen wordt voor een pijnlijke oplossing gekozen. Leden van de SS, NSB'ers, en andere mensen die als collaborateurs worden gezien, moeten onvrijwillig aan de slag om onder gevaarlijke omstandigheden mijnen te ruimen. Zonder training en zonder goed gereedschap.Â
Een van de mensen die in Zeeuws-Vlaanderen mijnen moet ruimen is François de Ridder. Hij wordt geboren op 7 juli 1922 te Zaamslag als enige zoon van Jan de Ridder en Cornelia Simons. Het gezin woont vermoedelijk op de Axelsestraat. François wordt, volgens het boek van David Scheele, een dag na de bevrijding (20 september 1944) opgepakt door de OD (Ordedienst) Zeeland (het verzet). Luid schreeuwend wordt hij vervolgens naar het Groene-Kruisgebouw te Zaamslag gebracht. Reden: François was lid van het Nationaal Socialistisch Kraftfahr Korps (NSKK). Destijds een hulporganisatie en bevoorradingseenheid voor de Duitsers. Volgens de website Oorlogsbronnen werft de NSKK met name vanaf januari 1941 buitenlandse vrijwilligers. Tussen de 9.000 en 10.000 Nederlanders melden zich, waaronder François. Hij doet dit op zijn 21ste verjaardag, op 7 juli 1943. Ruim een jaar later, op 3 augustus 1944, neemt hij ontslag.
Over wat er na François arrestatie gebeurt is dankzij speurwerk van David Scheele een en ander bekend. Scheele vindt een proces verbaal van een verhoor van 4 oktober 1944. Dit is twee weken na de arrestatie. François wordt verhoord door wachtmeester Geelhoedt van de Marechaussee. David Scheele citeert in zijn boek uit het proces verbaal. Francois verklaart op 4 oktober dat hij ânooit lid of sympathiserend lid van de NSB is geweestâ. Ook meldt hij âik heb me nooit iets van die beweging aangetrokken. (...). Ik ben bij dat korps gegaan om eens wat meer van de wereld te zien.â Wachtmeester Geelhoedt heeft duidelijk ook een eigen mening over de jongeman. Hij noteert in het proces verbaal dat hem bekend is dat François met NSKK uniform en geweer door het bouwland liep en op hazen schoot. Ook noteert hij dat François met name baldadigheden pleegt en âhaast nooit gewerkt heeft.â
Na het verhoor wordt Francois ingezet om mijnen te ruimen. Vanaf wanneer is niet bekend. Wel weten we dat hij precies 9 maanden na zijn arrestatie, op 20 juni 1945, omkomt in Oostburg tijdens het ruimen van mijnen. Volgens zijn overlijdensakte sterft hij om 14:00 uur. Hij laat 2 ouders achter te Zaamslag die hem daar begraven.
Vlak na de oorlog is er al kritiek in Nederland op de inzet van geĂŻnterneerden bij mijnenruiming. Maar deze had weinig invloed. Later, vanaf de jaren â70, komt er opnieuw discussie, gevoed door een hernieuwde aandacht voor mensenrechten, de rechtsstaat en het handelen van de overheid in de naoorlogse periode. Vaak werden de geĂŻnterneerden zonder formeel proces of duidelijke rechtsgrond vastgehouden en ingezet voor gevaarlijke werkzaamheden. Ondanks dat de risicoâs hiervan bekend waren.Â
Ook dit tragische verhaal van François Jan de Ridder is onderdeel van de Tweede Wereldoorlog te Zaamslag. Zijn steen staat in het herinneringshofje op de begraafplaats van Zaamslag.Â
- Login om te reageren
Reacties